|
Veel gestelde vragen
Over de volgende onderwerpen worden de griffie veelvuldig vragen gesteld: Toetsingskader van het hof Het hof toetst aan artikel 46 Advocatenwet, welke norm grotendeels door de gedragsregels wordt ingevuld. Ook verordeningen zijn regelingen die in dit kader worden getoetst. Horen van getuigen Op grond van artikel 49 van de Advocatenwet kan het hof getuigen horen. Als tot het horen van getuigen wordt besloten gebeurt dat in beginsel op een nader te bepalen datum. Het verdient aanbeveling getuigenverklaringen, indien deze een standpunt onderbouwen, in schriftelijke vorm vast te leggen en tijdig als productie in het geding te brengen. Vrijstaan / belangenverstrengeling De leden van het hof zijn werkzaam als rechter of als advocaat. Het kan gebeuren dat een lid van het hof te dicht bij een zaak staat om daar voldoende onpartijdig over te kunnen oordelen. Het hof tracht zoveel mogelijk te voorkomen dat dit gebeurt. De samenstelling van de kamer wordt in de schriftelijke oproeping één maand voor de zitting kenbaar gemaakt. Indien een partij meent dat een lid van de kamer niet over een zaak zou mogen oordelen, dient de partij dat zo spoedig mogelijk kenbaar te maken aan de griffier. Indienen beroepsschrift Indiening kan per fax plaatsvinden, mits het beroepschrift, de beslissing waarvan beroep wordt ingesteld en de bijbehorende producties tijdig worden meegestuurd. Het procesdossier van de behandeling in eerste aanleg behoeft niet te worden overgelegd. De griffier vraagt dit dossier op bij de griffier van de raad van discipline. Door middel van een inventaris van stukken worden partijen in de gelegenheid gesteld te controleren of alle stukken zijn bijgevoegd. Aanleveren aanvullende stukken Dit kan tot 15 dagen voor de zitting. Later indiening brengt het risico met zich mee dat de stukken worden geweigerd. Dat wordt door het hof ter zitting bepaald. Relevant zijn onder meer de omvang van de stukken en de bekendheid van de wederpartij met de stukken. Vragen van uitstel voor indienen beroepsschrift Op grond van artikel 56 lid 1 van de Advocatenwet dient het beroepschrift met gronden binnen de beroepstermijn te worden ingediend. Uitstel van deze termijn kan niet worden gegeven. Nader aan te voeren gronden Op grond van artikel 56 lid 3 Advocatenwet en volgens vaste rechtspraak van het hof kan geen beroep op nader aan te voeren gronden worden ingediend. De beoordeling in appel wordt bepaald door de omvang van het beroep dat is aangegeven in het beroepschrift. Diepgaandere argumenten kunnen later, dus ook tijdens de behandeling, naar voren worden gebracht, maar dienen wel te zijn gebaseerd op de gronden in het beroepschrift. Vragen van uitstel voor indienen antwoordmemorie of aanvullende stukken Uitstel wordt door de griffie alleen gegeven wanneer de termijnen in verband met een korte oproeptermijn niet kunnen worden gehaald. Er wordt, in overleg met de voorzitter, zoveel mogelijk rekening gehouden met het belang van partijen om de zaak te kunnen voorbereiden. Partijen zijn niet gehouden een antwoordmemorie in te dienen en kunnen desgewenst aan de hand van een schriftelijke pleitnota hun standpunt toelichten. Voor het indienen van producties na de vastgestelde termijn geldt hetgeen hierboven onder " aanleveren aanvullende stukken" is bepaald. Schadevergoeding Het hof oordeelt over het tuchtrechtelijke aspect, niet over de eventuele verplichting van een advocaat om schadevergoeding te betalen of om een betaalde voorschotnota terug te betalen. Indie n partijen een geldvordering aanhangig willen maken is de civiele rechter de meest aangewezen weg. Ook via een begrotingsprocedure of de geschillenregeling, waarover u meer informatie vindt op www.advocatenorde.nl, kunnen financiële geschillen worden beslecht. Welke stukken in het dossier De griffier van het hof ontvangt van de raad van discipline de stukken die door de deken zijn aangeleverd. De deken stuurt een afschrift van zijn/haar aanbiedingsbrief aan de raad van discipline naar partijen zodat zij weten welke stukken bij de raad bekend zijn. Als er aanvullende correspondentie is gevoerd wordt deze ook bijgevoegd. De griffier van het hof maakt een inventaris en stuurt deze met de oproep, die een maand voor de zitting wordt verstuurd, mee naar partijen. Bij vragen kunnen partijen telefonisch bij de griffie informeren of specifieke stukken zich in het dossier bevinden. Ook kunnen partijen, na het maken van een telefonische afspraak, het dossier inzien op de griffie. Tevens ontvangt de griffie een afschrift van het proces-verbaal van de behandeling bij de raad van discipline. Indien dit stuk niet door de raad is verstrekt kan een afschrift bij de griffie van het hof worden opgevraagd. Inzien van het dossier Beide partijen zijn gerechtigd om het dossier, na het maken van een afspraak in te zien. Als een partij niet beschikt over alle stukken worden de ontbrekende aan hem erstrekt. Verstrekken van stukken die partijen bekend zijn Het hof verstrekt geen afschriften van het gehele dossier. Partijen zijn op de hoogte van de inhoud. Het verstrekken van stukken is bedoeld om eventuele gemaakte vergissingen te herstellen. Als bijvoorbeeld stukken moeten worden verstrekt omdat later in de procedure een gemachtigde zich voor een partij stelt, kan het hof een vergoeding vragen voor het verstrekken van deze extra afschriften Tuchtrechtelijk verleden Het hof beschikt over gegevens over het tuchtrechtelijk verleden van de beklaagde advocaat. Deze gegevens worden in verband met de Wet Bescherming Persoonsgegevens niet verstrekt aan de klager. Beroepschrift gesteld in vreemde taal Processtukken dienen te worden ingediend in de Nederlandse taal. Als een beroepschrift binnen de termijn is ingediend en niet is gesteld in de Nederlandse taal, dan geeft de griffier de partij de gelegenheid binnen een vastgestelde termijn het stuk alsnog in het Nederlands in te dienen. Als de vertaling binnen die termijn is ingediend, is het beroepschrift tijdig ingediend. Als de vertaling niet tijdig wordt ingediend wordt de zaak op een zitting behandeld waar slechts de ontvankelijkheid van het beroepschrift wordt beoordeeld. Als het hof het beroep ontvankelijk acht wordt een nieuwe datum bepaald waarop de klacht inhoudelijk wordt beoordeeld. De verwerende partij in appel mag een schriftelijke reactie indienen en wordt in de gelegenheid gesteld te worden gehoord. Voorzittersbeslissingen Wanneer op grond van de wet geen hoger beroep mogelijk is of het appel te laat is ingediend, en het schrijven van een partij wel als beroepschrift dient te worden aangemerkt, kan de voorzitter, zonder partijen te horen, binnen 30 dagen na ontvangst op de griffie een voorzitterbeslissing geven, waartegen binnen 14 dagen na verzending verzet kan worden gedaan door indiening van een verzetschrift ter griffie. Voor de indiening van het verzet gelden dezelfde bepalingen als voor het indienen van een beroepschrift. Wanneer is volgens de wet geen beroep mogelijk Voor klager, niet zijnde een advocaat, is geen beroep mogelijk als de klacht gegrond is verklaard, ook als de klager het niet eens is met de opgelegde maatregel. Voor de verweerder, eveneens niet zijnde een advocaat, is geen beroep mogelijk als de klacht ongegrond is bevonden. Geen appel is mogelijk als de raad van discipline, na een gegeven voorzittersbeslissing, het tegen die beslissing ingestelde verzet ongegrond heeft verklaard. Na ingesteld verzet bepaalde zittingen waarin alleen ontvankelijkheid aan de orde komt Voor die zittingen worden beide partijen uitgenodigd. Na deze zitting geeft het hof een beslissing over de ontvankelijkheid. Als appellant ontvankelijk wordt verklaard in zijn/haar beroep, wordt een tussenbeslissing gegeven en een nieuwe datum voor verdere behandeling bepaald. Als het hof het beroep niet ontvankelijk acht volgt een eindbeslissing. Toga De behandelingen vinden niet in toga plaats. Dat geldt voor de leden van het hof, de beklaagde advocaat en hun eventuele gemachtigden/advocaten. Mogelijkheid incidenteel appel in stellen Voor alle partijen geldt dat binnen de beroepstermijn hoger beroep moet zijn ingesteld. Later ingesteld beroep (bij wijze van incidenteel appel) wordt niet ontvankelijk verklaard. Desgewenst kan beroep voorwaardelijk, voor het geval de wederpartij in hoger beroep gaat, worden ingediend. Intrekken van een beroep Een ingesteld hoger beroep kan geheel of gedeeltelijk worden ingetrokken. In verband met de hoeveelheid zaken worden partijen verzocht dit zo mogelijk niet kort voor de zitting te doen, zodat nog een andere zaak kan worden ingepland. Of een zaak in geval van intrekking van het beroep eindigt, hangt af van de vraag of het hof de zaak desondanks beoordeelt. Als de zaak eindigt door intrekking van het hoger beroep blijft de beslissing van de raad van discipline in stand. Als de raad de maatregel van schorsing in de uitoefening van de praktijk heeft opgelegd bepaalt het hof, nadat de betrokken advocaat is gehoord of behoorlijk opgeroepen, de dag waarop de maatregel aanvangt (artikel 56 lid 5 Advocatenwet). Indien de klager zijn klacht gedurende de procedure in appel intrekt, zal het hof een uitspraak doen waarin die intrekking wordt vastgelegd. |
|
|
|||||||||||